Experts hebben bijna driehonderd onderzoeken geanalyseerd naar de invloed van de klimaatverandering in de Europese zeeën en kustwateren.
Door het smeltend poolijs en door de warmere watertemperatuur verandert het zeeleven, ook bij ons. Dat is nu al duidelijk te merken, en het heeft zowel positieve als negatieve gevolgen. We zetten de opvallendste conclusies op een rijtje uit het rapport van 17 mariene instituten in tien Europese landen.
Microscopische algen zijn na 800.000 jaar afwezigheid terug in de Noord-Atlantische Oceaan. Het gaat om het kiezelwiertje Neodenticula seminae. Doordat het poolijs smelt, kon het organisme vanuit de Stille Oceaan via de Poolzee naar hier migreren. Zo'n twee miljoen jaar geleden vond een soortgelijk scenario plaats, toen het ijs van de Noordpool nagenoeg verdwenen was. Toen leidde de komst van de algen, onderaan de voedselketen, ertoe dat veel van de oorspronkelijke soorten in de Noord-Atlantische Oceaan verdrongen werden. De onderzoekers wijzen erop dat het algje ook nu voor een grote verandering in de biodiversiteit kan zorgen.
Vorig jaar werd begin mei een grijze walvis gespot voor de kust van Israël. Twintig dagen later dook het dier opnieuw op, deze keer voor de kust van Spanje. De grijze walvis kwam vroeger vrij algemeen voor in de Atlantische Oceaan, maar als gevolg van de jacht stierf hij ruim driehonderd jaar geleden uit. Door het wegsmelten van het Arctische ijs kon de walvis de oversteek maken vanuit de Stille naar de Atlantische Oceaan, en zo naar de Middellandse Zee.
Kleine roeipootkreeftjes migreren noordwaarts, op zoek naar koeler water. Ten noorden van Groot-Brittannië heeft nieuwkomer Calanus helgolandicus oude getrouwe Calanus finamarchius verdrongen. Helaas is de nieuwe soort minder voedzaam, waardoor bepaalde vissoorten er sterk zijn achteruitgegaan. Dat zorgt er dan weer voor dat bepaalde visetende Noordzeevogels te weinig voedsel vinden.
De opwarming heeft ervoor gezorgd dat de kabeljauw zich in de Noordzee vroeger voortplant. Helaas hield het plankton zich aan zijn traditionele tijdschema. Daardoor hebben de larven niet genoeg te eten, en gaat het kabeljauwbestand erop achteruit.
De Noordzee en de Ierse Zee tellen door de opwarming meer soorten, voornamelijk door migratie vanuit het zuiden. Ook de Zwarte Zee gaat er qua biodiversiteit op vooruit, door de komst van mediterrane soorten. De zeeën ten westen van Schotland zijn er echter op achteruitgegaan. Ook voor de Middellandse Zee ziet het er slecht uit. Onderzoekers voorspellen dat tegen 2060 een derde van de vissoorten uit de Middellandse Zee bedreigd zal zijn. Zes soorten zullen zijn uitgestorven. (lg)
Reageer via Facebook